Interview: Danny Beyens

Wie is Danny Beyens, voor de mensen die je niet kennen?

Ik ben geboren in Herentals op 6 januari 1964 en ik woon al heel mijn leven in Westerlo. Ik ben ongehuwd. In 2007 debuteerde ik als misdaadauteur.

Is schrijven je hoofdberoep of doe je daarnaast nog iets anders?

In het kleine Nederlandstalige gebied zijn er maar weinig schrijvers die van de pen kunnen leven. Ik ben daar helaas niet bij. Naast het schrijven, wat voor mij een hobby is waaraan ik een klein beetje verdien, geef ik les in Lier (leraar Nederlands).

Men zegt altijd dat er twee soorten schrijvers zijn, diegene die het hele verhaal al in hun hoofd hebben van bij het begin of diegene waarbij het verhaal groeit naarmate het geschreven wordt. Tot welke groep zou je jezelf rekenen?

Ik behoor heel duidelijk tot de tweede soort. Voor ik ‘Quatre-mains’ schreef, ben ik eens begonnen aan een ander verhaal. Daar was ik vertrokken van een goed basisidee en dan beginnen schrijven met de idee van ‘ik zie wel waar het verhaal mij brengt’. Na 100 pagina’s kende ik het antwoord. Het verhaal had me op een dwaalspoor gebracht. Ik moest telkens hele fragmenten opnieuw gaan lezen om te weten wat ik eerder over mijn personages had gezegd en de plot ontspoorde. Het was wel een goede oefening geweest. Als je weet hoe iets niet moet, sta je ook al ergens. Toen ik aan ‘Quatre-mains’ begon, pakte ik het totaal anders aan. Ik zou in kleinere hoofdstukken gaan schrijven en vooraf een synopsis maken met een korte samenvatting van elk hoofdstuk. Deze manier van werken heeft ook als voordeel dat je makkelijk hoofdstukken kunt toevoegen. Dat is trouwens ook gebeurd met ‘Quatre-mains’. Mijn testlezers vonden dat sommige nevenplots een oplossing moesten krijgen.  Zo heb ik nog een drietal hoofdstukken in het boek verwerkt.

Ben jij het type schrijver waarbij de tekst op het scherm vliegt of komt er tijdens het schrijven veel herschrijfwerk aan te pas?

Eens het synopsis klaar is, zit het boek eigenlijk al goed in mijn hoofd. Het schrijven vlot dan wel goed. Maar ik werk in twee fasen. In de eerste fase heb ik vooral oog voor het inhoudelijke (Zit al de belangrijke informatie in het hoofdstuk?). In de tweede fase heb ik dan meer oog voor stijl. Lezen gaat natuurlijk een pak sneller dan schrijven. Dan merk je ook soms dat je te vaak hetzelfde werkwoord hebt gebruikt of dergelijke. Tussen fase één en twee zitten soms wel enkele maanden. Ik merk ook wel dat telkens ik een hoofdstuk opnieuw lees ik ook altijd dingen ga wijzigen. Op een gegeven moment moet ik dus echt tegen mezelf zeggen dat het hoofdstuk nu echt af is.

Schrijf je in eerste plaats voor jezelf of schrijf je met een publiek in gedachten?

Als je als beginneling aan een boek begint, dan heb je natuurlijk helemaal geen garantie dat dat ook zal gepubliceerd worden. Maar ik ben wel degelijk aan ‘Quatre-mains’ begonnen in de hoop dat het ooit een lezerspubliek zou bereiken. Omdat ‘Quatre-mains’ redelijk goed had gescoord, was de kans dat ‘Date met de dood’ gepubliceerd zou worden natuurlijk een heel stuk groter. De beleving is dan ook anders. Je beseft dan pas echt dat je iets aan het schrijven bent dat door een heleboel mensen zal gelezen worden. Daar sta je bij een eersteling eigenlijk niet bij stil. Maar ik schrijf echt wel voor een publiek en mijn enige betrachting is om mijn lezers leesplezier te verschaffen.

Hoe ben je ertoe gekomen boeken te schrijven? Is het iets dat je altijd al hebt willen doen of dacht je dat het bij je eerste boek zou blijven?

Ik heb altijd verhalen willen vertellen, maar eigenlijk niet op de manier zoals ik dat nu doe. Ik had altijd een verhaal met beelden in mijn hoofd. Concreet betekent dat dat ik mezelf eerder zag als een scenarioschrijver voor strips, series of film. Probleem is dat je daar afhankelijk bent van anderen, want je hebt een tekenaar nodig of iemand die je script verfilmt. Pas toen bleek dat ik geen mensen ontmoette die op dezelfde golflengte zaten, ben ik gaan denken in de richting van boeken. Vanaf het moment dat ik die nieuwe weg had ingeslagen, heb ik me ook wel voorgenomen om schrijver te blijven. Toen ik ‘Quatre-mains’ schreef, had ik al een heleboel ideeën voor andere boeken. Maar mijn oude liefde, scenario’s schrijven, is niet verdwenen. Ik sluit dus niets uit voor de toekomst.

Leest u zelf?

Vroeger las ik heel weinig. Ik ben eigenlijk pas beginnen lezen toen ik me had voorgenomen om schrijver te worden. Omdat ik voor mezelf had uitgemaakt dat het misdaadgenre me het best zou liggen, heb ik me vooral daarin verdiept. Ik lees nu ongeveer 4 à 6 boeken per maand.

Is er een andere schrijver die een voorbeeld vormde voor u?

Er zijn natuurlijk tal van schrijvers waar ik wel iets van heb opgestoken, maar ik kan niet zeggen dat één bepaalde schrijver mijn grote voorbeeld is geweest. Iemands schrijfstijl kopiëren werkt volgens mij ook niet. Je moet je eigen weg zoeken.

Had je al ervaring met schrijven voor Quatre-mains?

Ik had al wel journalistieke ervaring, maar een artikel voor een krant schrijven is totaal anders dan een boek schrijven. Eigenlijk is het een tegengestelde bewerking. Voor de krant moet je met de inhoud van een emmer een bekertje vullen (omvangrijke persmap weergeven in kort artikel). Voor een boek moet je met dat bekertje een emmer vullen (banaal feit uitvergroten tot een gans hoofdstuk). Dus samengevat, wat het schrijven van boeken betreft, had ik, op die ene ontspoorde poging na, geen ervaring. Boeken schrijven is een vak dat je jezelf moet aanleren. Je groeit daar ook enorm in. Als ik ‘Quatre-mains’ nu zou schrijven, zou dat er helemaal anders uitzien.

Hoe ziet een dag er uit als je dan aan het schrijven bent? Heb je een speciaal ritueel, schrijf je de hele dag gewoon stug door, of schrijf je juist wanneer je vlagen van inspiratie hebt? Of is schrijven slechts een hobby?

Ik vrees dat ik mezelf moet omschrijven als een vrij chaotische schrijver. Er zit totaal geen structuur of lijn in mijn manier van werken. Ik schrijf als het mij uitkomt. Veel hangt af van de tijd die ik beschikbaar heb. Ik kan perioden hebben dat ik dagen na elkaar schrijf (vaak tijdens de schoolvakanties), maar ik kan het op bepaalde momenten zo druk hebben dat ik weken, soms zelfs maanden na elkaar geen letter op papier krijg. Wat ik dan wel doe, is ‘puzzelstukjes verzamelen’. Ik maak van alle personages documenten aan en daarin verzamel ik fragmentjes die ergens in het boek hun rol kunnen spelen. Eens ik dan echt aan het uitschrijven van een fragment begin, beschik ik vaak al over heel wat materiaal.

Om even verder te gaan op inspiratie: hoe ben je eigenlijk op het idee van Quatre-mains gekomen, de moordenaar die een moord pleegt in elk van de 4 seizoenen in elk van de vier windrichtingen?

Het basisidee was een seriemoordenaar die via mysterieuze briefjes communiceert via een journaliste. Daarna had ik uitgemaakt dat hij vier moorden zou plegen. Toen begon ik na te denken over dingen die uit een reeks van vier bestaan. En zo kwam ik bij de seizoenen, de smaken, de elementen… Daarna moest ik nog een pseudoniem vinden dat ook verband hield met het getal vier. Zo kwam ik bij ‘quatre-mains’ terecht. Een logische stap was dan ook om de moordenaar te laten ‘transformeren’ tijdens een pianoconcert in quatre-mains.

Hoezeer spelen jouw persoonlijke ervaringen een rol doorheen dit boek?

Persoonlijke ervaringen als seriemoordenaar heb ik gelukkig niet. Maar er zit natuurlijk altijd wel iets persoonlijks in een boek. Als man erger je je soms weleens aan het gedrag van vrouwen (en omgekeerd geldt natuurlijk net hetzelfde). Gewoonlijk komt het dan tot een korte woordenwisseling en daarmee is de kous af. In ‘Quatre-mains’ heb ik een personage gecreëerd dat die conflicten niet van zich kan afzetten, die daar buiten alle proporties op reageert, zelfs zover gaat dat hij die vrouwen moet vermoorden om verder te kunnen met zijn leven. Het motief voor de moorden is dus een gevoel van frustratie waar we allemaal weleens mee geconfronteerd worden, maar dan duizend keer uitvergroot.

Welke boodschap hoop je dat mensen onthouden na het lezen van Quatre-mains? Of is er geen boodschap aanwezig?

Het is niet speciaal mijn bedoeling om via mijn boeken boodschappen te verkondigen. Het enige wat ik nastreef is mensen leesplezier verschaffen. Als iemand er toch een boodschap in herkent, is dat natuurlijk meegenomen.

Je tweede boek handelt net als je eerste over een seriemoordenaar, heeft een bepaalde reden of was dit gewoon wat de inspiratie van het moment bracht?

Ik heb helemaal geen bewondering voor seriemoordenaars, maar anderzijds fascineren ze me wel omdat hun manier van denken zo verschillend is van de mijne (Ik zou nog geen kip kunnen slachten). Ik heb me altijd afgevraagd hoe een menselijke geest zover kan afdwalen dat hij zomaar mensen vermoordt. Ik vind psychologie een heel boeiend onderwerp en daarom is het wel interessant om me even te verplaatsen in het ziekelijke brein van een psychopaat.

In beide boeken komen de moordenaars zelf aan het woord, vanwaar die keuze?

Een verhaal werkt pas als het vanuit twee kanten een zekere logica bezit. Ook een moordenaar heeft het gevoel dat hij vanuit zijn manier van denken correct handelt. Zo wil de moordenaar in ‘Quatre-mains’ de wereld zuiveren van slechte vrouwen. Dat is zijn missie. De moordenaar in ‘Date met de dood’ meent vanuit zijn traumatische jeugd het recht te hebben op het vermoorden van een bepaald type vrouwen. Een verhaal over een slechterik die voor de lol een beetje gaat moorden werkt gewoon niet. Het is natuurlijk niet zo dat ik sympathie wil opwekken voor de drijfveren van seriemoordenaars, maar ik wil wel aantonen dat zij vanuit hun verstoorde denkpatroon ook de indruk hebben dat er niets ongewoons is aan hun manier van handelen.

Je hebt onlangs je derde boek gepubliceerd, Het spoor van de jakhals. Vanwaar “de jakhals”?

Vanwege de symboliek. De oude Egyptenaren associeerden jakhalzen met de dood omdat ze vaak te zien waren in de buurt van begraafplaatsen. Die associatie is natuurlijk een dankbaar gegeven voor een thriller. Bovendien speelt de Egyptische god Anubis, de god met het jakhalshoofd, een belangrijke rol  na het overlijden. Die mystiek heb ik ook in het boek verwerkt.

Heeft u net als de personages uit uw boek iets dat u bindt met Egypte?

Eigenlijk niet. Ik vind de geschiedenis van het oude Egypte wel fascinerend, maar daar blijft het dan ook bij. Ik vond het veruit het meest geschikte land om die flashbacks, waarin zeven mensen die elkaar helemaal niet kennen, te laten plaatsvinden.

Wat mogen we nog verwachten in de toekomst?

Ik ben nu bezig aan een vierde misdaadroman, maar ver is die nog niet gevorderd. Ik hoop dat die ergens in het voorjaar van 2012 kan verschijnen.

De officiële facebookpagina van Danny Beyens: http://www.facebook.com/pages/Danny-Beyens-Misdaadauteur/111872882183743

Interview: Mel Hartman

Een tijdje geleden heb ik de eer gehad een interview te kunnen doen met Mel Hartman, een Vlaamse schrijfster die reeds vier boeken schreef. Haar twee eerste boeken werden reeds door mij gerecenseerd: De fantasiejagers en Droomloos.

Had je een bepaalde schrijver die je aangezet heeft tot schrijven of waarvoor je bewondering hebt?

Ik beperk me niet tot één bepaald genre in het lezen. Ik lees echt alles wat los en vast zit. Ons huis wordt dan ook voornamelijk gedomineerd door boeken, zowel van mijn man als mijzelf. En bij elk genre heb ik wel favorieten. Om er enkele te noemen: John C. Vermeulen, Laurell K. Hamilton, Douglas Adams, Kelly Armstrong, Anne Rice, Michael Marshall Smith (de vroege boeken), Carl Hiaasen, Dean Koontz en echt waar, niet omdat ik samen met haar schrijf, Tisa Pescar. Ik bewonder vooral hun originaliteit, in elk van deze schrijvers. Bij de meeste bewonder ik ook hun durf in het aansnijden van taboes, hoe ze telkens grenzen verleggen zowel in het schrijven als in het bedenken van de meest rare, idiote, onlogische en toch prachtige werelden of personages. En daarnaast schrijven ze zo fantastisch vlot en mooi dat ik er stikjaloers op ben. Ik kan alleen maar hopen dat ik deze mix ooit zelf te pakken krijg in mijn boeken. Maar ik kan niet zeggen dat er bepaalde schrijvers zijn die me aangezet hebben tot schrijven. Ik hield al van verhalen verzinnen en schrijven toen ik nog maar goed doorhad hoe je zinnen moest vormen.

Je had al geruime tijd ontdekt dat je graag schreef, was er al langere tijd de drang om een boek te gaan schrijven?

O ja, zeker. Mijn eerste ‘probeersels’ dateren van een twintigtal jaar terug. Deze zijn toen uitgebracht naar aanleiding van ‘De beurs van het onuitgegeven boek’ in Leuven. Jammer genoeg lopen er nu nog steeds mensen rond die deze drie boeken (een S.F., fantasy/horror en een bundel bovennatuurlijke korte verhalen) in hun bezit hebben (onder mijn echte naam). Ik schaam me er nu voor, natuurlijk, dus ik hoop niet dat ze ooit boven water komen, haha. Het was trouwens altijd mijn wens en intentie om boeken te gaan schrijven. Een passie en verslaving onderdruk je niet zomaar.

Schrijf je fulltime?

Zo goed als. Naast het schrijven van boeken, ben ik ook polysomnografisch analyste. Compleet anders, maar juist daarom leuk en afwisselend.

Zat er een bepaalde drijfveer achter je eerst boek?

Ik stond op een morgen op met het idee en werd er meteen door gebeten. Ik denk dat het idee voortkomt uit een jarenlange fascinatie met het paranormale, de mythologie en de psychologie. Hoe ik denk over de huidige maatschappelijke sfeer op gebied van sociale en politieke kwesties zit ook in de boeken verwerkt. En ook hoe ik vind dat het er tegenwoordig psychologisch en relationeel aan toe gaat. Uiteraard, mijn stokpaardje ‘de slaap’ en het belang ervan, komt er eveneens in voor. Ik wilde luchtige boeken schrijven waar huidige kwesties en problemen subtiel in verwerkt worden zodat het hopelijk toch ook de lezers aanzet tot nadenken naast ontspannen.

Herschrijf je van de oorspronkelijke tekst of is wat je de eerste maal typt direct het eindproduct?

O nee, herschrijven en knippen is een uiterst belangrijk onderdeel bij het tot stand komen van een boek. Zelf herschrijf en herlees je het enkele keren, waarna er een paar proeflezers op losgelaten worden. Na hun suggesties herschrijf je het opnieuw. Op een gegeven moment zie je door het bos de bomen niet meer en is het belangrijk dat een proeflezer met een frisse kijk je op sommige zaken wijst.

Is het werkelijk zo moeilijk om aan een uitgever te raken als soms gezegd wordt?

Erg moeilijk. Door het overaanbod aan typoscripten, wel tientallen per dag, zijn uitgevers genoodzaakt om strenge criteria te handhaven. Strenger dan vroeger althans. De lezersmarkt in het Nederlandstalig gebied is uiteraard niet zo groot als in sommige andere talen, vandaar dat er toch wel kritisch wordt gekeken naar typoscripten.

Zit er een betekenis achter je pseudoniem Mel hartman?

Hartman is de familienaam van mijn echtgenoot en vond ik een internationale en neutrale klank hebben, vandaar. Mijn eigen familienaam is nogal Vlaams. Mel is gewoon de afkorting van Melissa en dus makkelijker te onthouden. Bovendien noemen de meeste van mijn vrienden en familie me Mel.

Je hebt ook een behoorlijk aantal onuitgegeven boeken op je oeuvre staan, is hier een reden voor, of kan het nog zijn dat die alsnog worden uitgegeven?

Ik denk het niet, tenzij ze grondig herschreven worden. En mogelijk zijn de ideeën van toen ook al teveel achterhaald. Maar wie weet, er zijn lezers die erom vragen, dus als de vraag groot wordt, overweeg ik het misschien wel.

Is één van de hoofdpersonen in jouw boeken autobiografisch?

Het meest lijk ik nog op Kate De Lille, maar niet volledig, hoor. Ik denk dat ik mezelf, onbewust, toch vooral in haar heb gestopt. Veel karaktertrekken en denkpatronen komen overeen. En de levensstijl of sommige gedragspatronen die zij wel heeft en ik dan jammer genoeg niet, zou ik wel willen hebben. Aan de lezer te raden welke ik bedoel… Maar in elk personage zitten er onvermijdelijk trekken van mezelf en van vrienden en familie. Ik vind het ook leuk om personages namen te geven van mensen die ik ken of van fans.

Welk personage spreekt je het meeste aan?

Ik heb er eigenlijk drie. Van de hoofdpersonages is Kate De Lille mijn favoriet. Ook voor Hecate, een hogere elf, heb ik een hoge mate van respect (ja, haha, dat kan voor een personage). En ook voor Toth, een halfling, heb ik een boontje. Het was de bedoeling dat hij enkel in ‘Droomloos’ een rol zou krijgen, maar hij beviel me zo erg dat ik hem ook in de volgende boeken liet opdraven. Eigenlijk moet ik zeggen dat hij met zijn persoonlijkheid, met name zijn charme en excentriciteit, zichzelf heeft opgedrongen en populair heeft gemaakt in mijn boeken. Zijn personage is nu zo sterk dat hij een eigen leven is gaan leiden en ik kan hem niet meer tegenhouden.

Wat zijn de ingrediënten voor een goed boek binnen jouw genre?

Ik vind niet dat ik één bepaald genre aanhoud. Sommige vinden mijn boeken S.F. en sommige fantasie, maar niet de traditionele epische fantasie. Ik ben eerlijk gezegd ook geen kenner van fantasie en ken er weinig schrijvers in. Maar als ik het zou bepalen, dan vooral originaliteit, denk ik. Nieuwe zaken durven aansnijden die toch herkenbaar zijn. De verzonnen werelden zo logisch mogelijk houden en de niet menselijke wezens zo realistisch mogelijk.

Wat zijn jouw grootste struikelblokken als je een verhaal schrijft?

Het begin! De eerste pagina’s van een boek zijn het moeilijkst, daarna gaat het veel sneller. Waarschijnlijk ook het feit dat ik het verhaal te vlot wil schrijven, waardoor ik soms te weinig omschrijvingen geef. Het is moeilijk te bepalen wat je overlaat aan de fantasie van de lezer en wat niet. En dan ook het ‘zien’ van je eigen typische fouten en deze proberen te vermijden!

Wat hoop je als schrijfster nog te bereiken?

Ik denk de droom van iedere schrijver: zo veel mogelijk gelezen worden, wereldwijd, en de mogelijkheid om fulltime te leven van het schrijven.

Als je je boeken moet beschrijven in 3 woorden hoe zou je dat dan doen?

Dat vind ik erg moeilijk, dus zal ik drie omschrijvingen geven die anderen vaak gebruiken: origineel, eigentijds en vlot.

Als je moest kiezen tussen schrijven of blijven werken, wat zou je kiezen?

Schrijven: het is even belangrijk voor me als ademen en eten. Het is werkelijk een obsessie en een deel van mij.

Is er al enig zicht op het volgende boek?

Ja, ‘Droombeeld‘, deel 4 van de fantasiejagers, verschijnt februari 2011. En verder schrijf ik aan deel 2 uit de Manon Maxim reeks: ‘Verborgen’, waarvan deel 1 ‘Anders’ net is verschenen. En ook nog aan deel 5 van de fantasiejagersreeks. Ook het scenario voor de stripreeks, dat gebaseerd is op de fantasiejagersboeken, schrijf ik.

Je eerste boek gaat verfilmd worden, ben je niet bang dat het dan vervormd zal worden, hetgeen bij de meeste boekverfilmingen toch gebeurt?

Dat is, denk ik, onvermijdelijk. Ik hoop nauw bij het proces betrokken te worden en zou ook het liefst meebepalen wie de personages gaan vertolken. Maar ik heb alle vertrouwen in Pedro Chaves, hij is uiterst getalenteerd, jong en ambitieus en is gek op het genre, dus dat komt wel goed. Trouwens, ik vind het al een hele eer dat hij mijn boeken filmwaardig vindt.

De officiële site van Mel Hartman: http://www.fantasiejagers.net/

Wikipedia over Mel Hartman: http://nl.wikipedia.org/wiki/Mel_Hartman

De site van de studio die haar eerste boek zal verfilmen: http://www.dreamjourneystudios.com/

De imdb pagina van de film: http://www.imdb.com/title/tt1361814/

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 93 other followers